Italiaans : Nederlands ci si può innamorare = men kan verliefd worden la memoria = het geheugen / de herinnering com’è andata = hoe is het gegaan storto / storta = scheef / krom / mis / verkeerd la vignetta = de cartoon l’atteggiamento = de houding verso il futuro = ten aanzien van de toekomst pessimista = pessimistisch in genere = over het algemeen scettico / scettica / scettici / scettiche = sceptisch fiducioso / fiduciosa = vertrouwen hebbend