Wozzol

Controleer altijd of een woordenlijst correct is voordat je hem gaat leren.

  • Duits Nederlands
  • angeblich = naar men zegt
  • auslösen = teweegbrengen
  • die Behörde = de overheid
  • draußen = buiten
  • klar = duidelijk
  • lächeln = glimlachen
  • leicht = gemakkelijk
  • das Mal = de keer
  • der Müll = het afval
  • sich rasieren = zich scheren
  • sauber = schoon
  • sauer = kwaad
  • schwänzen = spijbelen
  • die Vergangenheit = het verleden
  • ziehen = trekken