Wozzol

Controleer altijd of een woordenlijst correct is voordat je hem gaat leren.

  • Duits Nederlands
  • ausgeben für = uitgeven aan
  • aussehen = eruitzien
  • bekommen = krijgen
  • brauchen = nodig hebben
  • die Farbe = de kleur
  • das Geschenk = het cadeau
  • es gibt = er is / er zijn
  • heute = vandaag
  • die Klamotten = de kleren
  • Österreich = Oostenrijk
  • die Schweiz = Zwitserland
  • das Taschengeld = het zakgeld