Wozzol

Controleer altijd of een woordenlijst correct is voordat je hem gaat leren.

  • Duits Nederlands
  • vor fünf Minuten = vijf minuten geleden
  • vorher = van tevoren
  • die Nachbarin = de buurvrouw
  • mies gelaunt = slecht gehumeurd
  • verreisen = op reis gaan
  • der Drehtisch = de draaitafel voor dj's
  • irre = te gek
  • träumen = dromen
  • begeistert = verrukt / enthousiast / verrukt, enthousiast
  • die Gefahr = het gevaar
  • die Gefahren = de gevaren
  • das Medium = het medium
  • bergen = bevatten / in zich dragen / bevatten, in zich dragen
  • der Jugendliche = de jongere
  • die Jugendlichen = de jongeren
  • die Information / die Informationen = de informatie
  • vorschlagen = voorstellen
  • niemals = nooit
  • die Erlaubnis = de toestemming
  • ungut = onbehaaglijk / naar
  • leichtfertig = lichtvaardig / lichtzinnig / lichtvaardig, lichtzinnig
  • der Nachname = de achternaam
  • auf der Hut sein = op je hoede zijn
  • missbrauchen = misbruiken
  • unmissverständlich = niet mis te verstaan
  • anbaggern = versieren
  • sich aus dem Staube machen = zich uit de voeten maken
  • belästigen = lastig vallen
  • simsen = sms'en
  • der Inhalt = de inhoud
  • löschen = wissen
  • die Verhaltensweise = de gedraging
  • die Verhaltensweisen = de gedragingen
  • die Freizeit = de vrije tijd
  • das Gesellschaftsspiel = het gezelschapsspel
  • die Gesellschaftsspiele = de gezelschapsspellen
  • das Brettspiel = het bordspel
  • die Brettspiele = de bordspelen
  • Das ist mir egal. = Dat is me om het even.
  • am allerschlimmsten = het allerergste
  • die Rockmusik = de rockmuziek
  • die Realityshow = de realityshow
  • die Realityshows = de realityshows
  • der Schwachsinn = de onzin
  • die Band = de band
  • sich ausdenken = bedenken
  • verbringen = doorbrengen
  • die Tagesschau = het journaal
  • klimmen = klettern
  • der Kurs = de cursus
  • die Kurse = de cursussen
  • öde = saai
  • weitergehen = verdergaan
  • Spinnst du? = Ben je niet goed wijs?
  • verpassen = missen
  • die Sängerin = de zangeres
  • leidenschaftlich gerne = dolgraag
  • kess = vlot
  • falsch = verkeerd
  • die Aula = de aula
  • der Erlebnispark = het pretpark
  • der Gruppenrabatt = de groepskorting
  • der Eintritt = de entree
  • die Attraktion = de attractie
  • die Attraktionen = de attracties
  • die Mystery-Show = de goochelshow
  • zusätzlich = extra
  • anfangen = beginnen
  • das Suchwort = het zoekwoord
  • das Festival = het festival
  • tauchen = duiken
  • der Freundeskreis = de vriendenkring
  • geeignet = geschikt
  • beherrschen = beheersen
  • das Blinklicht = het knipperlicht
  • genügend = genoeg
  • ungeübt = ongeoefend / onervaren / ongeoefend, onervaren
  • grau = grijs / slecht zichtbaar / grijs, slecht zichtbaar
  • die Spur = de baan
  • die Gasse = de doorgang
  • der Bürgersteig = de stoep
  • gaffen = gapen