Wozzol

Controleer altijd of een woordenlijst correct is voordat je hem gaat leren.

  • Engels Nederlands
  • I am cooking potatoes right now. = Ik ben nu de aardappelen aan het koken.
  • I’m preheating the oven at 180 degrees Celsius. = Ik ben de oven aan het voorverwarmen op 180 graden Celsius.
  • I’m mixing the ingredients together in a big bowl. = Ik mix alle ingrediënten in een grote schaal.
  • I’m covering the cake with chocolate and cream. = Ik ben de taart met chocolade en slagroom aan het bedekken.
  • I am removing lumps from the mixture. = Ik verwijder klontjes uit het beslag.
  • Granny is making the cookie mixture right now. = Oma is de koekjesmix nu aan het maken.
  • They need to bake in the oven for about 15 minutes. = Ze moeten ongeveer 15 minuten in de oven.
  • The cake has to be in the oven for 30 minutes. = De taart moet 30 minuten in de oven.
  • The fries were fried in oil. = De frietjes werden in olie gebakken.
  • The baker checked on the cookies this morning. = De bakker keek vanochtend naar de koekjes.
  • I put the dough in the fridge for about 10 minutes. = Ik zet / zette het deeg voor 10 minuten in de koelkast.
  • I flattened the dough. = Ik maakte het deeg plat.
  • I cut the slices really thin the last time. = Ik sneed de partjes erg dun de laatste keer.
  • I made the cookies mixture the other night. = Ik maakte het koekjesbeslag gisteravond.
  • This morning, the baker checked the weather. = Vanochtend heeft de bakker het weer bekeken.
  • I removed the air bubbles from the mixture. = Ik heb de luchtbellen uit de mix verwijderd.
  • We flattened the dough and then cut it into equal pieces. = We maakten het deeg plat en sneden het in gelijke stukjes.
  • We baked the pastry in the oil. = We bakten het beslag in de olie.
  • We covered the cake with all sorts of toppings. = We bedekten de cake met allerlei toppings.