Wozzol

Controleer altijd of een woordenlijst correct is voordat je hem gaat leren.

  • Engels Nederlands
  • passenger = passagier
  • suitcase = koffer
  • security check = veiligheidscontrole
  • take-off = het opstijgen
  • declare / report = aangeven
  • boarding pass = instapkaart
  • customs officer = douaneagent
  • fingerprint = vingerafdruk
  • difference = verschil
  • claim = ophalen
  • search = doorzoeken / zoektocht
  • unlock = openmaken
  • rescue worker = reddingswerker
  • hike = lange wandeling
  • foggy = mistig
  • map = landkaart
  • emergency = noodgeval
  • cold = koud
  • hungry = hongerig
  • frightened = bang
  • check = controleren
  • busy = druk
  • cross = oversteken
  • exactly = precies
  • setting = instelling
  • limit = beperken
  • view = bekijken
  • select = selecteren / kiezen
  • edit = aanpassen
  • save = bewaren
  • block = blokkeren / straat (rij huizen) / straat
  • attach = bijsluiten
  • neighborhood / neighbourhood = buurt
  • receive = ontvangen
  • criminal = misdadiger
  • regularly = regelmatig
  • council = gemeente
  • parkway (Am.) / parkway = park
  • traffic circle (Am.) / traffic circle / roundabout = rotonde
  • vegetable garden = moestuin
  • throughout = door
  • celebrate = vieren