Wozzol

Controleer altijd of een woordenlijst correct is voordat je hem gaat leren.

  • Slowaaks Nederlands
  • škola = de school
  • trieda = de klas
  • učiteľ = de leraar
  • žiačka = de leerlinge
  • žiak = de leerling
  • kniha = het boek
  • zošit = het schrift
  • pero = de pen
  • ceruzka = het potlood
  • tabuľa = het bord
  • stôl = de tafel
  • stolička = de stoel
  • batoh = de rugzak
  • hodina = het lesuur
  • úloha = de opdracht
  • test = de toets
  • známka = het cijfer
  • učenie = het leren
  • prestávka = de pauze
  • predmet = het vak