Wozzol

Controleer altijd of een woordenlijst correct is voordat je hem gaat leren.

  • Italiaans Nederlands
  • lassù = daarboven
  • prendere = bereik hebben
  • essere fuori = buitenshuis zijn
  • Dimmi un po’… = Vertel eens …
  • avere intenzione di fare qc = iets van plan zijn te doen
  • concreto / concreta = concreet
  • fammi sapere = laat me weten
  • ci avevo già pensato = ik had daar al aan gedacht
  • pensarci = eraan denken
  • chiamatemi pure = bel me gerust
  • mettersi d’accordo = afspreken
  • Ma figurati! = Geen dank. / Graag gedaan.
  • Stammi bene. = Het beste.
  • la lettera = de letter